Parochie De Vier Evangelisten Amsterdam 
 
 
 

Jezuiet als Paus

Viering: OVERWEGING OP PAASZONDAG

Lezing:

  • X

Geschreven door: Paul Begheyn SJ

Tweeëneenhalve week geleden, op maandag 13 maart, zat ik met een vriend in een restaurant. Behalve aardig is hij ook gelovig. Maar tijdens de maaltijd zei hij tot mijn schrik ineens: &Ik weet niet of ik nog blijf in deze kerk. Al die schandalen, dat klerikale gedoe, de machtsstrijd in het Vaticaan - ik ben het meer dan zat.& Ik probeerde hem op te monteren: 'Probeer je te concentreren op mensen en gebeurtenissen die je energie geven en perspectief bieden.' Mijn woorden hadden eerlijk gezegd weinig effect. Toen we rond half acht het restaurant verlieten, zag hij op zijn mobiel dat een half uur tevoren witte rook uit de schoorsteen op het Sint Pietersplein was gekomen. Hij vertrok naar het Concertgebouw, en ik liep naar huis, waar ik snel de televisie aanzette. Even over achten ging de balkondeur van de Sint Pieter open, en klonk het &Habemus papam&, gevolgd door de naam &Georgium Mariam Bergoglio&. Ik was absoluut verbluft. Het zal toch niet die Argentijnse jezuïet zijn, vroeg ik me in stomme verbazing af. Maar het was wel zo, ondanks het feit dat de jezuïetenorde vanaf de stichting in 1540 hoge functies binnen de Kerk zoveel mogelijk wil vermijden om aldus niet in de klerikale carrièredrift verstrikt te raken.

Toen verscheen de nieuwe paus, met de verrassende naam Franciscus, vervolgens zelf op het balkon, aanvankelijk enigszins beduusd, maar vervolgens glimlachend. Met gebogen hoofd vroeg hij in alle eenvoud om de zegen van die tienduizenden mensen beneden hem op het plein. Mijn sombere vriend uit het restaurant mailde me de volgende dag, dat hij het weer helemaal zag zitten. Een Duitse medebroeder die werkt voor Radio Vaticana schreef me, dat hij enkele kardinalen had gesproken, die zich doodgeschrokken waren. Ik dacht bij mezelf: &De Heilige Geest heeft eindelijk revanche genomen&. Enerzijds omdat de jezuïeten in de loop van de geschiedenis diverse malen in aanvaring gekomen waren met pausen; in 1773 had paus Clemens XIV de jezuïetenorde wereldwijd opgeheven, en in 1981 plaatste Joannes Paulus II ons onder curatele. Anderzijds omdat met een paus van buiten Europa er nu eindelijk de mogelijkheid kwam om de stal van de Vaticaanse Curie uit te mesten. Het was alsof Pasen voortijdig was begonnen, en ik onderweg met mijn vriend in een sombere bui ineens aangekomen was in Emmaüs, waar we Jezus herkenden die met ons aan tafel zat. De steen van 35 jaar als maar toenemende teleurstelling was weggerold van het graf. Jezus leefde volop.

Op Witte Donderdag werd de toespraak bekend, die kardinaal Bergoglio gehouden heeft aan de vooravond van het conclaaf. Daarin zei hij onder meer: 'In het boek van de Openbaring staat te lezen dat Jezus buiten de deur staat en bij ons aanklopt om binnen te komen. Maar soms denk ik dat Jezus van binnen aanklopt, om hem buiten laten.' Dat doet me denken aan die prachtige uitspraak van Etty Hillesum, de joodse mystica van het Museumplein: 'Binnen in me zit een heel diepe put. En daarin zit God. Soms kan ik erbij. Maar vaker liggen er stenen en gruis voor die put, dan is God begraven. Dan moet hij weer opgegraven worden.' [26 augustus 1941]

Paus Franciscus heeft sinds zijn keuze op alle mogelijke manieren aangeduid hoe wij verder kunnen, weg van een wereldlijke kerk die leeft in zichzelf, van zichzelf en voor zichzelf. Op Witte Donderdag ging hij niet naar de hoofdkerk van Sint Jan van Lateranen, maar vierde hij de eucharistie met jongens en meisjes van een Romeinse jeugdgevangenis. Van twaalf van hen waste en kuste hij de voeten, zoals hij dat eerder in Argentinië had gedaan bij Aidspatiënten en moeders in verwachting. Vorige week zei hij: 'Christus is het centrum, niet de opvolger van Petrus', en toen hij nog in Buenos Aires woonde: 'God is de lente in ons, de eerste in ons, die ons als eerste liefheeft.' Maar laten we ook niet vergeten wat de paus zei in een van zijn eerste toespraken: 'We moeten niet bang zijn voor goedheid of zelfs tederheid. Wees niet mensen van droefheid: een christen kan nooit bedroefd zijn! Geef niet toe aan ontmoediging. Onze vreugde komt niet van het hebben van veel bezittingen, maar komt van het feit dat wij een persoon hebben ontmoet, Jezus, die in ons midden is. Onze vreugde komt van het feit dat wij weten dat met Hem wij nooit alleen zijn, zelfs op moeilijke momenten, zelfs wanneer wij op onze leventocht problemen en obstakels tegenkomen die onoverwinnelijk lijken, en dat zijn er vele.'
Met zulke woorden en daden weet paus Franciscus ons te bemoedigen om verder te gaan, en om elke dag het geheim van Pasen te ontdekken in wat wij zien, horen en voelen. Het graf is leeg, de wereld is vol genade. Luisteren we ten slotte nog een keer naar Etty Hillesum: &Als je eenmaal begonnen bent met God te wandelen, ja dan wandel je maar door.& Zalig Pasen.
Archief preken