Parochie De Vier Evangelisten Amsterdam 
 
 
 

De hemelvaart van de Heer als scharniermoment in de geschiedenis van de kerk

Viering: Hemelvaart van de Heer

Lezingen:

  • Handelingen 1, 1-11
  • Lucas 24, 46-53

Geschreven door: Pastor Colm Dekker

Wij staan vandaag op een scharnierpunt. Als Lucasparochie zijn wij gezegend met een patroon die twee boeken heeft geschreven: het evangelie van Jezus Christus volgens Lucas en de Handelingen van de apostelen. Beide boeken heeft hij opgedragen aan een zekere Theofilus. We weten niet wie deze onbekende persoon is, of eigenlijk weten we dat wel, want Theofilus betekent zoveel als iemand die God lief is. Godelief is een prachtige naam die je tegenwoordig niet zo veel meer hoort, maar een naam die wij allemaal zouden mogen dragen, want wij allen zijn 'lieve mensen van God'. Lucas bedoelt dan ook zeker ons allemaal aan te spreken als hij zijn twee boeken schrijft. Het eerste boek, zegt hij zelf, is een beschrijving van het leven van Jezus. Hoewel hijzelf Jezus nooit heeft ontmoet, wil hij een eigen ordening aanbreken in alle verhalen van wie wel ooggetuigen waren om ons, zijn lezers, te overtuigen van de betrouwbaarheid van het leven van Jezus: op Jezus en zijn Vader mogen wij vertrouwen, op Jezus mogen wij bouwen!

Het tweede boek laat zien dat het leven en de boodschap waar Jezus in woord en daad voor stond, niet eindigde met Jezus zelf, maar is doorgegaan en veel groter is geworden in zijn leerlingen: in de handelingen van de apostelen. Het eerste boek begon en eindigde in Jeruzalem, het tweede boek zal met de grote apostel Paulus eindigen in Rome, in het hol van de leeuw, de woonplaats van de keizer en het centrum van de wereldlijke macht. Zo laat Lucas zien dat Jezus' boodschap betekenis heeft voor alle mensen in alle omstandigheden. Tot in onze dagen mogen wij daarom niet alleen blijven luisteren naar zijn boodschap, maar we worden zeker door het tweede boek ook aangespoord om er zelf mee op weg te gaan. Ook vandaag horen we weer hoe Jezus met zijn leerlingen spreekt over het koninkrijk van God. Daar draaide het in heel zijn leven om, en dat is de boodschap waarmee hij ons op weg stuurt.

Vandaag zijn we dus op een scharniermoment. Omdat het dit jaar het C-jaar is waarin het vooral het evangelie volgens Lucas lezen, maakt dit helemaal duidelijk door de twee lezingen van vandaag. Het evangelie was namelijk het allerlaatste stukje van het evangelie volgens Lucas, en de eerste lezing was het begin van de Handelingen van de apostelen, ook geschreven door Lucas.

En wat valt er dan op?
Het eerste boek eindigde met de hemelvaart van Jezus, en het tweede boek begint ermee. Kennelijk is vandaag het moment van de overgang van het leven van Jezus naar dat van de apostelen. Kennelijk is de Hemelvaart van Jezus een scharniermoment in de geschiedenis van de kerk. Tot dan toe draaide alles om Jezus, en konden zijn leerlingen nog aan zijn hand meelopen, maar vanaf nu zullen zij het zelf moeten doen, maar wel in zijn Geest. Het gaat nog steeds evenzeer om de boodschap van Jezus, en Paulus zal uiteindelijk zelfs zeggen, dat niet hij leeft maar dat Jezus leeft in hem.

Als dat moment van de hemelvaart van Jezus dan zo'n belangrijk moment is, dan is het misschien wel een goed idee om eens wat te verdiepen in de betekenis ervan. Dat kunnen we doen door er zelf over na te denken en dat is uiteraard ook nodig en goed, maar als het om Bijbeluitleg gaat, heb ik geleerd dat het begint met te kijken en te luisteren naar wat de Bijbeltekst zelf aanreikt: uiteindelijk is de Bijbel zelf de beste uitleg voor de Bijbel. Vandaag wilde ik daarom de aandacht vestigen op een paar bijzonderheden in de teksten die we anders misschien gemakkelijk over het hoofd zouden zien.

Lucas vertelt ons in de Handelingen van de apostelen dat de hemelvaart van Jezus plaatsvond nadat Jezus veertig dagen lang herhaaldelijk aan de apostelen bewezen had dat hij na zijn lijden weer in leven was. Wat daarin mag opvallen is dat toen Jezus in het eerste boek zelf aan zijn openbare optreden begon, hij eerst veertig dagen in de woestijn was en daar op de proef gesteld werd. Die veertig dagen waren een tijd van bezinning en van voorbereiding in navolging van de veertig jaren dat het Joodse volk door de woestijn had getrokken als voorbereiding op de tijd dat ze zouden mogen samenleven in het land van de belofte. Daarna was Jezus klaar om zijn opdracht van de Vader uit te voeren.
Na zijn dood zijn er voor zijn leerlingen nu veertig dagen geweest, ongetwijfeld van grote beproeving na heel zijn lijdensweg en schijnbare mislukking,en de confrontatie voor zijn leerlingen met hun eigen tekortschieten. Nu, na veertig dagen, is het kennelijk tijd om verder te gaan, het nieuwe hoofdstuk te beginnen.
Zijn ze daar nu klaar voor? Nee, want een mens is nooit klaar. Niet met rouwen om het verlies van een geliefde, nooit helemaal voorbereid op wat komen gaat. Maar blijven wachten helpt dan ook niet meer. Als leerlingen van Jezus krijgen ze van hem de zegen mee over hun nieuwe taak. Hij kent hun zwakheid, en toch heeft en geeft hij hun zijn vertrouwen. Ik kom daar straks nog even op terug.

Een ander opvallend punt is de wolk die Jezus aan het zicht van zijn leerlingen onttrekt. Die wolk zorgt ervoor dat zij Jezus niet meer kunnen zien, zoals ook wij Jezus niet kunnen zien, en zoals Lucas Jezus nooit heeft gezien. Voor alle helderheid: Jezus niet kunnen zien, betekent niet dat hij er niet zou zijn. Elke Jood moet bij het woord wolk onmiddellijk weer denken aan die veertig jaren in de woestijn. Toen konden ze God ook niet zien, omdat geen mens in dit leven ooit God kan zien. Maar toen trok God overdag in een wolk voor zijn volk uit om hen de goede richting te wijzen, en 's nachts in een vuurkolom, maar ook daar kom ik straks nog even op terug. Ook over Jezus kwam er ooit in het bijzijn van enkele leerlingen eens een wolk bij zijn gedaanteverandering op de berg, toen Mozes en Elia met hem in gesprek kwamen om Jezus voor te bereiden op zijn weg naar Pasen. Toen kwam er een wolk die hen bedekte en uit die wolk klonk de stem van de Vader: 'Dit is mijn uitverkoren Zoon; luister naar hem.'
Nu, bij zijn hemelvaart, omsluit die wolk Jezus en onttrekt hem aan de ogen van zijn leerlingen. Voortaan zullen zij, zullen wij hem niet meer zien zoals op deze wereld de ene mens de ander ziet. Vanaf nu hoort hij bij het goddelijke dat ons omringt, bij de hemel die God ter bescherming over deze aarde heeft geschapen en vanwaar Jezus nu aan de rechterhand van zijn Vader, met zorg en betrokkenheid op ons neerziet. Hij laat ons vandaag bij zijn hemelvaart achter, ja zeker - en nu kom ik terug op die twee dingen die ik u beloofde -
hij doet dat niet door ons aan ons lot over te laten.

Hij kent ons, hij kent onze zwakheid en ons onvermogen, en hij belooft ons daarom een helper. Zoals God 's nachts met vuur zijn volk door de woestijn leidde, zo worden ook wij als leerlingen van Jezus met vuur bezield, het vuur van zijn helper, het vuur van de Geest van God, de Geest van Jezus, de Geest van kracht, van liefde, van passie, van wijsheid, van eerbied. Het is die Geest waar wij naar mogen uitkijken en negen dagen om mogen bidden. Waar ook wij onzekere tijden en nieuwe uitdagingen hebben, gaan we die in met de Geest van Jezus.
Archief preken