Parochie De Vier Evangelisten Amsterdam 
 
 
 

Wat is bidden

Viering: OVERWEGING OP DE ZEVENTIENDE ZONDAG DOOR HET JAAR

Lezingen:

  • Genesis 18,20-32
  • Lucas 11,1-13

Geschreven door: Pater Paul Begheyn SJ

Vandaag worden we uitgenodigd om na te denken over wat bidden eigenlijk is. Niet alleen via het fragment uit het evangelie volgens Lucas, patroon van onze kerk, dat ons deze morgen wordt voorgehouden, maar ook via het bekende verhaal uit het eerste boek van de Bijbel. Lucas is de evangelist die het meest diepgaand geschreven heeft over gebed, zoals vandaag opnieuw blijkt. Maar voordat we daar op ingaan, kijken we eerst naar de tekst uit het boek Genesis.

Het verhaal speelt zich af in Sodom en Gomorra, twee steden in Kanaän, die gelden als toonbeeld van verderf en daarom door God werden verwoest. Er bestaat een hardnekkige traditie, die stelt dat het hier gaat om afwijzing van homoseksualiteit. We hebben in onze taal daar het woord &sodemieteren& aan overgehouden. Maar het gaat erom dat de mannen van Sodom zich hebben vergrepen hebben aan de vreemdelingen die hen kwamen bezoeken. God laat weten: &Als je aan hen komt, kom je aan mij. Als je hen huisvest, huisvest je mij.& Aanranding van het gastrecht is een ernstig vergrijp in de ogen van God. Het gaat hier niet over homoseksualiteit, want homoseksualiteit is de liefde en genegenheid van een mens voor een mens van hetzelfde geslacht. In dit verhaal gaat het over mensen die seksueel misbruik maken van andere mensen, en hen louter gebruiken voor hun eigen gerief. Misbruik is totaal wat anders dan liefde.

Terug naar God en Abraham. Abraham weet dat God geen ongenadig en ongenaakbaar iemand is. Hij gaat met de Eeuwige in gesprek, in debat. Hij begint te onderhandelen, te marchanderen. Hij durft, die Abraham! Waar is zijn durf op gebaseerd? Op het feit, dat hij God heeft leren kennen. Hij heeft God ervaren, en net zoals later Mozes sprak Abraham met God zoals een vriend spreekt met een vriend. Dat is de basis van elk gebed, dat God en mens met elkaar omgaan als vrienden, die elkaar alles durven te zeggen, alles durven te bekennen, alles durven te vragen. Wie bang is voor dat intieme contact, kan niet echt bidden, tenzij hij zoiets zegt als: 'God, ik ben bang, maar ik ben minder bang, nu ik weet dat u bij mij in de buurt bent.'

Tot zes keer toe vraagt Abraham aan God om over zijn hart te strijken, en zes keer stelt hij zijn aanbod bij: als er nu eens vijftig rechtvaardigen waren, vijfenveertig, veertig, dertig, twintig, tien. Tien rechtvaardige mannen was het minimum aantal dat nodig was voor een geldige gebedssamenkomst. We moeten trachten te voorkomen, dat we aan God onze overdreven hoge eisen op te leggen.

Die volharding in het gebed, in de communicatie tussen mens en God, komen we ook bij Lucas tegen. Hij begint met een kortere, maar meer originele versie van het &Onze Vader& te noteren dan die er bij Mattheüs staat. Onmiddellijk volgt dan het verhaal waarin God midden in de nacht in bed ligt. Dat verhaal gaat over een soort drie-eenheid tussen vrienden. Jezus legt het uit: &Stel, iemand van u heeft een vriend&. Dat zijn al dus twee vrienden: de iemand en zijn vriend. Die vriend gaat naar een andere vriend: God als derde vriend. De essentie van ons gebed is vriendschap, de sleutel tot ons gebed is vriendschap. Bidden is niet een spirituele Euro stoppen in een spirituele automatiek, en dan naar believen een klepje openen om er een goddelijke kroket in te vinden.

Bidden gebeurt in een dialoog van twee partners, mens en God. Lucas stelt in het stukje evangelie vandaag, dat wij moeten vragen, zoeken en kloppen wat we nodig hebben. En daarbij mogen wij er vanuit gaan dat God ons niet bedriegt. Hij zal geen steen geven in plaats van brood, geen slang in plaats van een vis, en geen schorpioen in plaats van een ei. In elk geval weet God het best wat wij nodig hebben.
Bidden is geen egoïstische, naar binnen gerichte activiteit, maar heeft altijd sociale dimensies. Voor een gelovige mens is er altijd een driezijdig relatiepatroon: mens - God - de ander. In die zin citeer ik vandaag graag onze paus Franciscus, die twee mensen uit onze parochie dezer dagen ontmoet hebben in Rio de Janeiro: &God wil altijd genade voor iedereen en geen veroordeling. Hij wil de genade van het hart, omdat hij vol genade is, en heel goed weet heeft van ons lijden, van onze moeilijkheden en zelfs van onze zonden. Hij geeft dit genadevolle hart aan ieder van ons. Kijken we naar de Barmhartige Samaritaan: hij volgt eenvoudigweg de genade van God, genade voor allen die in nood zijn.(Toespraak van Paus Franciscus op 14 juli 2013 in Castel Gandolfo)
Laten wij in ons leven ook die weg van genade bewandelen. Amen.
Archief preken