Parochie De Vier Evangelisten Amsterdam 
 
 
 

Als ons geloven toch eens wat meer op leven in vertrouwen leek ...

Viering: 27e zondag door het jaar

Lezingen:

  • Habakuk 1, 2-3 + 2, 2-4
  • Lucas 17, 5-10

Geschreven door: Pastor Colm Dekker

Als iemand tegen je zegt: 'Als je het geloof had als een mosterdzaadje zou je tegen die boom kunnen zeggen: "Maak je met wortel en al los uit de grond en plant je in zee, en hij zou je gehoorzamen." ', en helemaal als Jezus dat tegen ons zegt, dan is het effect van die uitspraak volgens mij dat ieder van ons denkt: zie je wel, mijn geloof is niet groot genoeg, zo gelovig ben ik niet, ik schiet tekort in mijn geloof.
En mijn vraag daarbij zou dan zijn: En denk je dan echt dat dat is wat Jezus je wil zeggen: dat je tekortschiet, niet deugt, niet goed genoeg bent? Dat denk ik dus niet!

Tot een aantal jaren geleden stond dit letterlijk in de evangelielezing van deze zondag: 'Als je een geloof had als een mosterdzaadje, dan zou je die boom kunnen verplaatsen.' Ik heb persoonlijk al vaker gemerkt - en ook al vaker op deze plek met u gedeeld - dat het mij in zulke gevallen helpt om de andere vertaling te horen die we nu gebruiken, niet om wat moeilijk is in de Bijbel en het geloof uit de weg te gaan, maar juist om het beter te verstaan en er mee aan de gang te kunnen.
Het gaat daarbij steeds om één woord in de Bijbel dat op twee manieren vertaald en verstaan kan worden, die eigenlijk ten diepste hetzelfde betekenen maar meestal een heel ander effect op ons hebben. De beide hoofdtalen van de Bijbel - het Hebreeuws van het Oude en het Grieks van het Nieuwe Testament - hebben maar één woord waar wij in de vertaling moeten kiezen tussen geloven en vertrouwen.
In principe gaat het daarbij om hetzelfde, want je kunt alleen in iemand geloven die je vertrouwt, en je kunt alleen op iemand vertrouwen in wie je gelooft. Als ik uw hulp ergens voor vraag en u zegt: Ik weet niet of ik dat wel kan, en ik zeg dan: 'Ik geloof in u.', dan betekent dit: 'Ik heb er alle vertrouwen in dat het u lukt.' of nog sterker: 'Ik heb alle vertrouwen in u.'
Wat bij dit voorbeeld opvalt is dat dit vertrouwen, dit geloof gebaseerd is op onze relatie. Ik ken u voldoende om dit vertrouwen in u te hebben dat ik bij een wildvreemde niet heb. Vertrouwen gaat dus altijd over een persoonlijke relatie en dat geldt dus ook voor geloven. Alleen in het geloven waarover wij het in de kerk hebben, zoals in het woord geloofsbelijdenis, daar lijkt het wel alsof we die betekenis kwijtgeraakt zijn, alsof geloven in God iets is dat voorgegeven en vastgelegd is en niets te maken heeft met een persoonlijke relatie tussen ons en God, met wat wij samen hebben meegemaakt in onze gezamenlijke geschiedenis op onze levensweg.
Ik geloof in God de almachtige Vader, in Jezus Christus zijn Zoon onze Heer en in de heilige Geest. Dat is iets wat ooit in het verleden in de christelijke kerk is vastgelegd, eeuwen geleden, en heeft niets met mijn leven te maken, met hier en nu, mijn keuzes, liefde, angst, verdriet, vreugde. Voor alle duidelijkheid, ik zeg: zo lijkt het!
En in die betekenis klinkt dan ook: Als jij een groter geloof had, kon jij die boom verplaatsen. Dat is dan al gauw ook iets van het verleden, van ver van mijn bed. Vroeger waren er kennelijk mensen die dat konden, omdat ze toen wel zo'n geloof in God hadden, of misschien moeten we dat niet zo letterlijk verstaan, weet ik veel wat die Bijbelverhalen betekenen! Ik vind het maar ingewikkeld, en ga over tot de orde van de dag, kan er niks mee.

Wat ik nu hoop, is dat als wij dat ene woordje nu in de andere Nederlandse vertaling horen, er bij ons een ander luikje open gaat, en wij op een andere manier aangesproken worden. Want volgens mij is Jezus er helemaal niet op uit om ons een schuldgevoel aan te praten door ons een gebrek aan geloof te verwijten, maar wil hij ons veeleer uitnodigen om met alles van ons leven bij God terecht te durven. Ik hoor in het evangelie van vandaag vooral een oproep om serieus te investeren in onze relatie met God.
Geloven klinkt al gauw als een appel aan mij om meer te moeten doen, om beter te moeten worden. Vertrouwen stelt de vraag naar de relatie: hoe is het nu eigenlijk tussen jou en God? Spreken jullie elkaar nog wel eens? En hoe gaat dat dan? Komen daarbij ook de dingen van het hart ter sprake? Of is het eerder plichtmatig? Durf je daarin jezelf te zijn, laat je jezelf zien zoals je bent met je emoties: je ongeduld, je boosheid, je angsten; deel je je vreugden en je zorgen met elkaar? Gaan jullie vertrouwd met elkaar om? Is je gebed vooral formeel: op de momenten dat je een kruisteken maakt, om jezelf en je omgeving duidelijk te maken: nu ga ik bidden? Of deel je de gewone dingen van de dag door de dag heen met God? Zijn jullie zoals de Bijbel van Abraham zegt: God sprak met Abraham als met een vriend?

Door te geloven zorgen dat een boom zich verplaatst, is niet een kwestie van inspanning of van mijn gebrek daaraan: als ik nu wat beter mijn best doe om te geloven, moet het lukken. Dat heeft zelfs het risico dat ik in de kramp of in mijn schuldgevoel schiet. Geloven is niet Uri Geller worden die schijnbaar lepels kon buigen zonder ze aan te raken. Niet: Kijk eens wat ik kan. Kan jij dat niet?

Ik durf zelfs te zeggen dat het eerder het omgekeerde is: ik mag leren vertrouwen dat voor God en met God alles mogelijk is, durven vertrouwen dat God het altijd goed met ons voor heeft en ons nooit onnodig laat lijden maar ons geluk wil. Met dat geloof - in de zin van vertrouwen op God! - mag ik het leven aandurven. Ik mag meer loslaten, ik mag vertrouwen dat de Heer er wel voor zal zorgen, ik mag mijzelf met al mijn zorgen, met mijn gebreken en falend geloof aan God toevertrouwen.

Waar mijn relatie met God goed zit, waar wij in die vertrouwdheid en vertrouwelijkheid met God leven, kunnen we de hele wereld aan! Dat is voor mij de betekenis van vertrouwen en geloven, zoals de profeet Habakuk die in zijn tijd durfde uitspreken. Je mag naar God toe je frustraties en je twijfels eruit gooien: 'Hoelang moet ik nog wachten, God?', als we dan ook maar naar het antwoord luisteren: 'Luister naar mijn droom voor deze wereld, deel die met anderen en werk er aan mee.' Dit leidt Habakuk uiteindelijk tot zijn beroemd geworden uitspraak: 'De rechtvaardige blijft leven door zijn geloof.' Dus niet door zijn eigen geweldige daden, zijn prestaties, zijn macht, geld of vrienden maar: in vertrouwen op God!

Het is dat geloof waartoe Jezus ons uitnodigt: om te durven vertrouwen dat God het goed voorheeft met onze wereld en met ieder van ons. Daar mogen we op vertrouwen, zegt Jezus, en het zou voor ons vanzelfsprekend mogen worden dat wij in ons leven daarin met God willen meewerken, als Gods dienaren die het de normaalste zaak van de wereld vinden dat wij een ander helpen, dat wij God helpen om de droom van zijn koninkrijk waar te maken. Wie kan leven in vertrouwen op God, is een gelukkig mens, een echte gelovige, een rechtvaardige.
Archief preken