Parochie De Vier Evangelisten Amsterdam 
 
 
 

Bischoppensynode

Viering: OVERWEGING OP DE ZESENTWINTIGSTE ZONDAG DOOR HET JAAR

Lezingen:

  • Ezechiël 18, 25-28
  • Matteüs 21, 28-32

Geschreven door: Pater Paul Begheyn SJ

Vanaf aanstaande zondag komt twee weken lang een bisschoppensynode samen in Rome om te spreken over het thema 'De pastorale uitdagingen voor het gezin in de context van de evangelisatie’. Daar heb ik het twee maanden geleden al met u over gehad. Maar ik doe het nu opnieuw, omdat ik er steeds meer van overtuigd ben, dat deze synode misschien wel de belangrijkste gebeurtenis wordt in de katholieke kerk sinds het Tweede Vaticaans Concilie van de jaren 1962-1965. Ongetwijfeld hebben de ouderen onder u daar nog herinneringen aan. Niet zozeer vanwege het thema van het gezin, als wel vanwege de nieuwe koers die paus Franciscus probeert uit te zetten na de dogmatische ijstijd die vrij spoedig na afloop van het Concilie begon in te zetten. Iemand noemde kortgeleden de komende synode een soort testcase voor de Argentijnse paus: ‘Als hij zijn collega’s weet te winnen voor deze ideeën, die leiden tot een hernieuwde pastorale praktijk en regelgeving, dan krijgt hij in de kerkgeschiedenis een plaats naast paus Joannes XXIII. Zo niet, dan gaat de kerk door met uit de geschiedenis te verdwijnen.' En Kardinaal Walter Kasper, de belangrijkste theologische adviseur van paus Franciscus, stelde heel pittig, dat het in de synode gaat om een pastorale uitdaging; het is geen oorlog over betekenissen van de leer.
Hoe belangrijk de synode wordt, valt af te lezen aan de toenemende vijandschap die tegen de paus wordt opgebouwd, door kardinalen, journalisten, theologen, en doorsnee kerkgangers. Ongegeneerd maken ze de paus belachelijk, kleineren ze hem en verwijten hem woorden die hij nooit heeft gesproken. Ze zijn vooral bang voor zijn daden, die tekens zijn van een andere, bevrijdende houding tegenover bepaalde tradities en kerkelijke regelgeving. Ze nemen het hem kwalijk dat hij kiest voor eenvoud van leven. Ze zijn het hartgrondig oneens met het feit, dat hij op Witte Donderdag ook vrouwen de voeten waste, en onder hen zelfs een moslimmeisje. Ze zijn woedend over het feit, dat hij onlangs in Rome het huwelijk inzegende van twintig stellen, bij wie er volgens het kerkrecht van alles niet deugde. Ze zijn verbijsterd over het feit, dat zijn eerste woorden als paus ‘buona sera’ waren, 'goede avond'.
Maar waar het conflict uiteindelijk op neerkomt is dat de macht niet ligt in de handen van één baas met zijn assistenten, maar dat de leiding wordt bepaald in een gemeenschap van herders. Collegialiteit heet dat officieel. Op het Concilie was daar met een overweldigende meerderheid, ja haast unaniem, 'ja' op gezegd, maar dat was geheel tegen de zin van hen, die hun macht dreigden te verliezen.
Als de nieuwe koers van paus Franciscus – die geen andere is dan die van het Concilie – kansen krijgt, dan heeft dat voor heel veel elementen van ons leven in de Kerk gunstige gevolgen. Om er slechts twee te noemen: ons geweten en ons geloofsinstinct.
De bisschop van Antwerpen, Johan Bonny, die kortgeleden zijn verwachtingen over de synode op papier zette, schrijft over het eerste: 'Wat verwacht ik van de komende synode? Dat zij aan het geweten zijn rechtmatige plaats in het onderricht van de Kerk zal teruggeven. Zullen hiermee alle problemen opgelost zijn? Uiteraard niet. Hoe het geweten tot een verantwoorde beslissing komt, is geen eenvoudige vraag. Wat is een goed gevormd geweten? Hoe verhoudt het geweten zich tegenover het leergezag van de kerk, of omgekeerd: hoe verhoudt het leergezag van de Kerk zich tegenover het geweten?'
Over ons geloofsinstinct schreef paus Franciscus onlangs: 'De Geest [van God] leidt het volk in waarheid en brengt het tot het heil. Als deel van zijn liefdesmysterie voor de mensheid geeft God aan al de gelovigen een geloofsinstinct, dat hen helpt te onderscheiden wat echt van God komt.' De theologen van het Concilie hadden, zegt bisschop Bonny, 'oog voor het menselijk haalbare in broze en complexe omstandigheden, waarin keuzes niet evident zijn. Ze maakten ruimte voor groei en ontwikkeling in het vaak turbulente verloop van menselijke levensverhalen.'
Alles hangt af van ons beeld van de Kerk, dat samenhangt met ons beeld van God. In dit verband geef ik ten slotte het woord aan paus Franciscus: 'Ik verkies een gehavende Kerk, gekneusd en vuil omdat ze de straat is opgegaan, eerder dan een Kerk die ziek is omdat ze in zichzelf zit opgesloten, gehecht aan het comfort van haar eigen zekerheden. Ik houd niet van een Kerk die in het middelpunt wil staan en die uiteindelijk de gevangene wordt van een kluwen van bepalingen en procedures. Als iets ons een heilige onrust en wakker geweten moet blijven bezorgen, dan is het dat zovelen van onze broeders en zusters zonder de kracht, het licht en de troost van de vriendschap van Jezus Christus leven, zonder een geloofs-gemeenschap die hen opneemt, zonder een horizon die zin en leven geeft. Meer dan de vrees ons te vergissen, hoop ik dat we bezield blijven door de vrees opgesloten te zitten in structuren die ons een valse bescherming geven, in normen die ons tot onverbiddelijke rechters maken, in gewoontes waarin we ons comfortabel voelen, terwijl er buiten een uitgehongerde menigte wacht en Jezus maar tot ons blijft herhalen: “Jullie moeten hun te eten geven.'
Laten we met een open hart en met open handen bidden dat de synode slagen mag.
Archief preken