Parochie De Vier Evangelisten Amsterdam 
 
 
 

Malala

Viering: OVERWEGING OP DE KERSTNACHT

Lezing:

  • X

Geschreven door: Pater Paul Begheyn SJ

Drie weken geleden stond ik in een stampvolle tram naast een kinderwagen met een tweeling van een jaar of twee, een jongetje en een meisje. Opeens begon het meisje hartverscheurend te huilen. Ik keek eerst het jongetje aan en vervolgens het meisje. Daarop sloeg het jongetje zijn arm om de hals van zijn zusje, en legde heel teder zijn wang tegen de hare. Het huilen werd minder. Zwijgend keek hij me aan, met een sterke glimlach. Dat tafereel heeft zich vastgezet in mijn geheugen, tot op vandaag. Ik was dankbaar en trots om wat er gebeurd was.
Begin december was ik uitgenodigd om Pieter te dopen. Het zou gebeuren in de kring van zijn familie. Zijn ouders en twee jaar oudere broer Teun waren erbij, zijn opa’s en oma’s, zijn ooms en tantes, en al zijn neefjes en nichtjes. Pieter is zes, en best wel stoer voor zijn leeftijd. Dat was op te maken uit zijn opmerkingen zo nu en dan tijdens de doopviering. Toen ik op een gegeven moment het woord ‘geloven’ liet vallen, reageerde hij onmiddellijk met: ‘Maar ik geloof niet!’. Omdat ik niet meteen gechoqueerd reageerde, was hij enigszins van slag. Even later zei hij zachtjes: ‘Af en toe wel een beetje, hoor.’ En de viering ging verder. Pieter was toch wel onder de indruk om alles wat hem die middag overkwam, vooral ook toen ik hem een goudkleurige penning van de Sint Pieter in Rome cadeau deed, met op de achterkant het portret van paus Franciscus. Ik ben benieuwd wat hij over zijn doop heeft verteld aan de kinderen van zijn groep op school.
Op 10 oktober ontving de zeventienjarige Malala Yousafzai, een Pakistaanse kinderrechtenactiviste, de Nobelprijs voor de Vrede, samen met Kailash Satyarthi. In 2009 verwierf zij op elfjarige leeftijd bekendheid, toen ze op de website van de BBC in de vorm van een dagboek schreef over de gewelddadigheden van de Taliban in de Swatvallei, waar sinds de machtsovername door de Taliban in 2007 meisjes worden uitgesloten van school en ook veel andere mensenrechten worden geschonden. Terwijl ze in oktober 2012 in de bus terugkeerde van school, pleegde een Talibanstrijder een doelgerichte aanslag op haar, waarbij ze zwaargewond raakte door een kogel in haar hoofd en haar hals. Artsen verwijderden de kogel uit haar hoofd. Ze werd overgevlogen naar Engeland, waar ze een verdere specialistische behandeling kreeg in Birmingham. Het Amerikaanse weekblad Time noemde Malala een van de honderd invloedrijkste personen ter wereld.
Deze drie kinderen – en er zijn er zonder enige twijfel nog veel meer – kunnen ons iets helder maken van de reden, waarom God ooit besloot en nog steeds besluit om als baby geboren te worden in onze wereld. God laat zich kennen als een kind, dat weet te troosten en een glimlach op ons gezicht kan toveren. God laat zich kennen als een ontwapenend kind, dat geen blad voor de mond neemt, en laat zien hoe je met stukjes en beetjes kunt geloven. God laat zich kennen als een kind, dat opkomt voor gerechtigheid, niet alleen voor zichzelf, maar voor allen. Je zou kunnen zeggen, dat deze drie kinderen de eenentwingste-eeuwse versie vormen van het visioen van de profeet Jesaja: ‘Een kind is ons geboren, een zoon werd ons geschonken. Men noemt hem: Wijze bestuurder, sterke God, vader voor altijd, koning van de vrede. Zijn koningschap is rechtvaardig en eerlijk’ (Jesaja 9, 5-6).
God kunnen herkennen in een kind hangt enerzijds af van de kansen die het kind krijgt of neemt, en anderzijds van onszelf: of wij dat kind zien en horen, waar het ook is, en hoe het zich ook laat kennen.
Kinderen zijn bij veel mensen niet in, zoals bij die moeder die haar pasgeboren dochtertje weggooide in een Amsterdamse vuilniscontainer, of bij die andere moeder die al haar zeven kinderen in het Australische Cairns met messteken om het leven bracht. Kinderen zijn altijd een bedreiging geweest voor mensen die niet deugen, voor tirannen zoals koning Herodes, die zijn macht bedreigd voelde door één pasgeboren jongetje, en daarom alle jongetjes onder de één jaar liet vermoorden. Herodes heeft handlangers in de hedendaagse Talibanstrijders die onlangs een aanslag pleegden op een school in Peshawar, waarbij zij 132 kinderen ombrachten. Maar het drama speelt zich af in heel de wereld. Er zijn momenteel 230 miljoen kinderen die in gebied wonen met gewapend conflict. Ze worden ontvoerd, gemarteld, geronseld, verkracht, gedood. “Nooit eerder zijn zoveel kinderen onderworpen aan dergelijke wreedheden”, aldus de baas van Unicef. Ik zeg dit allemaal niet om uw kerstsfeer te bederven, maar om ons te realiseren hoe bevoorrecht wij hier zijn.
Het is aan ons, aan ieder van ons, om het leven te behoeden, van de jonge kinderen, maar ook van de oude mensen, hier en elders. Het is aan ons om ook het goddelijk kind te behoeden, en het een kans te geven, in ons denken en doen. Dat is een verantwoordelijkheid die we niet op anderen kunnen afschuiven. Wat een voorrecht is het om een kind in je armen te houden. En wat een voorrecht is het ook om Jezus, het kind van God, in je armen te nemen. Je wordt er een beter mens van. Zalig Kerstmis.
Archief preken